Een ode aan Amsterdam

Amsterdam, wat ben je mooi.

De stad waar ik een paar jaar geleden benauwd doorheen liep – want help: veel te veel mensen en veel te veel verkeer om me heen – veranderde in de stad naar mijn hart. Wat fijn, al die mensen en het verkeer om me heen. Wat genoot ik ervan, als er weer een toeterende auto achter een taxi op de gracht stond. En wat genoot ik van de drukte, verschillende culturen en verschillende mensen. En ik geniet nog steeds. Stad naar mijn hart.

Ik vind het leuk, Amsterdam, hoe jij bent ingedeeld. Van bovenaf vind ik je net zo mooi als van binnen: de grachten, nog niet gesproken over de panden die er naast staan en de ringen van de stad. Zo typisch. Dat vinden we natuurlijk allemaal mooi. Maar ik vind het écht mooi. Waar ik in dit pittoreske dorpje waar ik momenteel woon kan genieten van het bos, geniet ik in de hoofdstad van de architectuur en de straten – die lang niet zo schoon zijn als in mijn eigen dorp.

Toen ik het afgelopen half jaar elke dag door jou heen mocht lopen, Amsterdam, besefte ik mij elke dag een klein beetje meer hoe prachtig je bent. Ik leerde veel over mezelf: wat ik nou écht mooi vind en waar ik echt van kan genieten. Wat ik irritant vond (toeristen met rolkoffers) en wat ik juist kon waarderen (fietsers!). Maar ik leerde ook een hele hoop over jou, Amsterdam. Zo wist ik eerst vanaf het station enkel de Kalverstraat te vinden en was ik eigenlijk nooit verder gekomen dan dat. Maar het afgelopen half jaar heb ik zo onwijs veel hoeken mogen zien: van de Keizersgracht tot de Rozengracht. En ik weet inmiddels exact welke winkels er op de Haarlemmerstraat zitten – en ja: ook op volgorde – en hoe ver ik moet lopen om boodschappen te doen.

Ik leerde ook dat niet elke plek in Amsterdam even druk is als de Kalverstraat, en dat toeristen eigenlijk voornamelijk in de eerste paar ringen van Amsterdam rondlopen en je daarna ook échte Nederlanders tegen kunt komen. Of beter gezegd: Britten of Amerikanen, want wat ik ook leerde is dat ik beter word begrepen als ik Engels praat, dan dat ik mijn eigen taal in mijn eigen land praat. Het hoort bij je, Amsterdam. Als laatste punt voor vandaag leerde ik ook dat jouw naam, Amsterdam, door iedereen wordt gelinkt naar wiet, maar dat je zeker meer bent dan dat. Je ruikt dan wel naar deze stinkende drug op bijna alle plekken waar ik tot nu toe ben geweest, maar je bént het niet. Er is veel, veel meer dan dat in jou.

In het afgelopen half jaar ben ik je gaan waarderen: meer dan ooit. Vorig jaar riep ik al dat ik graag een grachtenpand in Amsterdam wilde bemachtigen, maar nadat ik een half jaar van jou heb mogen proeven en genieten weet ik het zeker: ik moet ooit in Amsterdam wonen. Al is het maar voor een paar jaar. Ik wil nog meer plekken ontdekken, hotspots uitproberen, mensen ontmoeten, culturen bekijken en genieten van de grachten. Een half jaar was veel te kort, maar ik kom terug, Amsterdam. Dat beloof ik je. Stad naar m’n hart.

 Volg mij op social media: Instagram ★ Twitter ★ Facebook ★ Pinterest ★ Bloglovin‘.

Dit vind je misschien ook leuk...

3 reacties

  1. Wat heb je dit leuk geschreven! Zelf kom ik helaas veel te weinig in Amsterdam om zulke fijne details te beschrijven. Ik ben destijds Rotterdam juist heel erg gaan waarderen, bijna op dezelfde manier als jij met Amsterdam hebt!

    1. Lief, dankjewel, Daphne! Rotterdam fascineerde mij ook enorm, toen ik daar het afgelopen half jaar geregeld kwam, dus ik snap je helemaal!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

CommentLuv badge